key indigenous australian issues
| home | languages
|
![]() Delegatie aan de ingang van het natuurmuseum-London 2007 foto coutesy Kevin Brown |
![]() |
Teruggave van menselijke resten aan een Aboriginal delegatie (11 mei 2007) |
Vanuit de hele wereld werden aanvragen gehoord vanwege inheemse bevolkingen om de stoffelijke overschotten van hun voorvaderen te repatriëren . In Australië voeren inheemse gemeenschappen en eenlingen al 30 jaar campagne voor de terugkeer van voorvaderlijke resten, niettegenstaande de evidente tegenwerking in de achttiende en negentiende eeuwen bij het verzamelen van menselijke resten. Er bestaan talloze vroege aanvragen tot repatriëring van resten. In het Verenigd Koninkrijk hebben sommige musea en andere bewaringsinstellingen de resten gerepatriëerd naar Australië, sommige hebben zeer nauwe criteria om de teruggave van de resten toe te staan, sommige voeren een antiteruggave beleid, en anderen hebben helemaal geen geschreven beleid.
In recente ontwikkelingen in het Verenigd Koninkrijk is repatriëring naar de politiek verschoven, een evolutie die een spiegelbeeld is van wat er in Australië en de Verenigde Staten gebeurde zo’n 10 à 15 jaar geleden en, naar verluidt de wetenschap en museumgemeenschappen in deze landen verplichtte aan te nemen dat zij niet langer alleen konden beslissen over het lot van de inheemse menselijke resten uit hun collecties.
Sinds de jaren 70 hebben de aanhoudende aanvragen door de gemeenschappen aan musea evenals intensieve lobbying door de regering als belangrijk resultaat de terugkeer van vele collecties en het ontwikkelen van museumbeleid en een staatswetgeving geboekt. Veelbetekende stappen in dit proces bevatten de terugkeer van Truganini’s resten (1976), de Crowther collectie (1985) en andere Tasmaanse resten (1988) uit het Tasmaanse Museum en Kunstgalerij ; de campagne voor het teruggeven van de Murray Black collectie uit het departement Anatomie van de Universiteiy van Melbourne in de jaren 80 ; de terugkomst van de Kow Swamp fossielen in 1990 en de Mungo Vrouw in 1992. De dag van vandaag krijgen de gemeenschappen de voorvaderlijke resten meestal op aanvraag.
Musea in het verenigd Koninkrijk begonnen aanvragen binnen te krijgen voor de repatriëring van inheemse resten in het midden van de jaren 80. Bezoeken en vertegenwoordigingen van het Tasmaans Aboriginal Centrum (het TAC) en het Fonds voor Aboriginal en Eilanders Onderzoeksactie (FAIRA) brachten media-aandacht voor het probleem met de terugkeer van vele resten naar Australië als resultaat.
Aanhoudende aanvragen, onderhandelingen en campagnes doorheen de jaren negentig leidden, in 1997 tot de teruggave van Truganini’s halssnoer en armband uit het Exeter Stadsmuseum en Kunstgalerij, Tasmaanse haarstalen uit de Universiteit van Edinburgh, en een Tasmaanse schedel uit Stockholm. In hetzelfde jaar werd de schedel van Yagan, een West-Australische krijger die doodgeschoten en onthoofd was in 1833, opgegraven uit een kerkhof van Liverpool, waar het begraven werd door het Liverpool Museum in de helft van de jaren 60, en teruggegeven aan Australië. In 2000 werden de overige Aboriginal resten uit de Edinburgh collectie en de collectie Hawaïaanse resten gerepatrieerd. In 2003 gaven het Koninklijk College van Artsen en het Engeland en Manchester Museum menselijke restenterug aan het Nationaal Museum in Canberra gevolgd door het Zweeds Museum voor Ethnographie in 2004 en het British Museum gaf twee bundels crematie- assen terug.
In 2007 is de teruggave gepland van resten van 17 individus aan het Tasmaans Aboriginal Centre.Extract from article 'repatriation developements in the UK' by Cressida Fforde
Vertaling : Myriam Chardome

visitors to Australia
support and experience Aboriginal tourism
for information links and guides in
|